Samenleving

Mensen leven van oudsher samen omdat het sociale wezens zijn én omdat er grote voordelen zijn aan samen leven. Het gemeenschapsgevoel berust daarbij op ‘dat wat gemeenschappelijk is’. Zo zijn de leefwereld, taal en cultuur fundamentele kenmerken van een gemeenschap die gerespecteerd dienen te worden.

banner-stijnvanhulle-Tom Nijs-2-3

Verder is er gemeenschappelijk bezit zoals wegen, sportterreinen, parken en bossen. Er zijn ook gemeenschappelijke belangen zoals mobiliteit, verdediging en onderwijs die op een gepast bestuurlijk niveau dienen geregeld te worden. Hoe dichter echter het beleid aansluit bij de ‘gemeenschappen’ van de samenleving waar het écht over gaat, hoe meer dat beleid aansluit bij wat de mensen écht willen en nodig hebben.

De samenleving dient dus opgebouwd te worden vanuit de basis, vanuit de mensen die ‘samen leven’ in een gemeenschap. Beleidsstructuren én hun vertegenwoordigers  moeten ten dienste staan van de bevolking en niet andersom. Mensen moeten daarom van onderuit kunnen samenleven in gemeenschap en beslissen hoe zij dat willen doen, wat zij overlaten aan een hoger bestuurlijk niveau, daarop toezicht houden en er eventueel op terugkomen. Dit zijn vanzelfsprekende mechanismes die sterk geïntegreerd zijn in het Zwitsers model. Vertaald naar bij ons zou dit neerkomen dat de gemeente het belangrijkst is, daarna de provincie, gewest, land en Europa. Vandaag is dit omgekeerd. Bovendien zijn de meeste fusiegemeentes te groot geworden om nog te spreken van echt lokaal bestuur en betrokkenheid.

Voor echt gemeenschapsgevoel is een mate kleinschaligheid nodig die werkelijke betrokkenheid toelaat.

Reageren is niet mogelijk